28
+
H
et gesproken woord is de knecht van
het hart. Ten tijde van
Vorst aan de
grond
is Fred Delfgaauw al meer dan twaalf
jaar onderweg met zijn voelbare, ambachte-
lijke, éénpersoons theatervorm. ‘Ik heb een
afschuw van postmodern theater. Ik hou
er niet van iets anders te laten zien met de
be­doeling het publiek te vertellen dat het daar
eigenlijk niet om gaat. Liever vertel ik ze waar het mij wel om gaat.’
    ‘Het grootste compliment vind ik dat mensen na afloop van
mijn voorstelling hun nummertje bij de garderobe even kwijt zijn.
Je publiek werkelijk raken mag dan een hele kunst zijn, maar geraakt
kunnen worden is evengoed een gave.’
E
r wordt nog steeds veel naar de voorstelling
Mozart
gevraagd.
Delfgaauw is genoeg romanticus om de voorstelling eind
1996 opnieuw op het repertoire te nemen. Waarom? Daarom.
Mozart
heeft een aparte plaats gekregen. Bovendien geeft het mij de kans om
te ontdekken waar ik nu sta. Wat is er gebeurd
tussen toen en nu. Ik ga er weer voor repeteren.
Er zullen dingen veranderd zijn. De publieke
opinie had lange tijd de stelling aanvaard dat
Mozart was vergiftigd door de jaloerse hof-
componist Salieri. Ik laat het publiek tot een
ander inzicht komen en Salieri ontdekken dat
hij geen geniaal componist was.’
VORST AAN DE GROND
VORST AAN DE GROND
1...,49,50,51,52,53,54,55,56,57,58 60,61,62,63,64,65,66,67,68,69,...164